Groen doet (je) goed

Hippocrates riep het al ruim 400 jaar v.Chr.: “Laat uw voedsel uw medicijn zijn en uw medicijn uw voedsel”. Voeding dus inzetten als spul dat je lichaam voedt in plaats van je maag vult. Deze wijsheid is helaas maar weinig toepasselijk op onze huidige Westerse levensstijl.

De Wereldgezondheidsorganisatie van de VN heeft vastgesteld dat een volwassene gemiddeld minimaal 350 gram groenten per dag moet binnen krijgen. Het Voedingscentrum heeft deze norm verlaagd naar 250 gram groenten per dag. Maar wat blijkt? 94% van de Nederlands haalt zelfs dit absolute minimum bij lange na niet. Dat is problematisch, want we eten bepaald niet te weinig. En dat is een understatement. De gevolgen van overmatig eten zijn immens; de afgelopen decennia neemt het aantal patiënten dat kampt met allerlei welvaartziekten, zoals diabetes type 2, obesitas en (niet aangeboren) hart- en vaatziekten, hand over hand toe. Ziektes waar we nog niet mee te maken hadden voordat de levensmiddelenindustrie manieren vond voor goedkope en zeer winstgevende massaproductie. De zorgkosten blijven daardoor stijgen en dreigen zelfs onbetaalbaar te worden. Alleen een verandering van onze levensstijl kan deze kosten reduceren.

Maar een drastische verandering van ons voedingspatroon is niet alleen noodzakelijk met het oog op de volksgezondheid en het terugdringen van de zorgkosten. Blijkens het Klimaatrapport van de Verenigde Naties van begin vorige maand kan onze planeet in 2050 (!) de 8,5 tot 10 miljard mensen die er dan zullen rondlopen niet voeden als we blijven consumeren wat we nu consumeren. Één van de noodzakelijke maatregelen die genomen moeten worden: méér plantaardig voedsel! Landbouwgebruik voor dieren heeft namelijk een veel grotere invloed op het klimaat vergeleken met landbouwgebruik voor planten. Toch bevestigen verschillende studies dat, hoewel we ons steeds meer bewust zijn van het belang ervan, we steeds minder groenten en fruit eten. Een heel paradoxale (en overigens verontrustende) ontwikkeling.

Oké, dat stemt misschien niet per se vrolijk. Maar, er is ook goed nieuws! Want zoals ieder nadeel zijn voordeel kent, geldt dat ook in dit geval. Door andere keuzes te maken en de consumptie te veranderen, verandert de vraag; de consument bepaalt wat er geproduceerd wordt. Jij beïnvloedt wat er geproduceerd en verkocht wordt. Door de vraag naar schone, gezonde producten te vergoten, kan iedereen bijdragen aan een gezondere maatschappij en schonere wereld. Dat is nog eens je stem kunnen laten horen. Daar hebben we helemaal geen fora voor nodig 😉

Dus, wat gaan we doen?

Een meer plantaardig dieet voor de wereld is de oplossing, aldus de VN. Dat betekent meer, véél meer groenten en fruit per dag, dagelijks noten en peulvruchten voor voldoende eiwitinname en wekelijks een beetje kip, vis, ei en melk. Minder, véél minder suikers en meer goede vetten. Rood vlees staat nog maximaal eens per week op het menu. Zo, zie daar (heel kort samengevat) het dieet om de aarde én je eigen lichaam een groot plezier te doen!

Nu begrijpen wij dat meer plantaardig eten een beetje dat (niet bepaald spannende) ‘wollen sokken’-gevoel geeft. Plantaardig eten betekent voor menigeen het einde van een Bourgondisch leven vol gezelligheid. Maar dat is natuurlijk niet zo. Balans is de sleutel tot succes voor een bestendige verandering in het leefpatroon. Niet kortstondig radicaal het roer om, maar geleidelijk, stukje bij beetje naar een evenwichtiger menu.